Winterjong Website

Ha!

Fijn dat je hier weer eens rondstruint. Wist je echter dat ik inmiddels voor Winterjong wer een nieuwe site geboud heb? Alle informatie over het in wording zijnde nieuwe theaterconcert vind je daar.

Ga naar www.winterjong.nl

 

Ga dan! Ga!

Nouch & het luikje van linksonder

De onovertroffen Nouchka Huijg slingert surreële taferelen de wereld in alsof het geen moeite is. Een van haar podia is smileinyourface.com, via welk weblog ze elke week(?) een surreëel tafereel de wereld in slingert.

Vandaag schreef ik ‘Luikje van linksonder’ op één van haar surreële taferelen.
Wat vinden jullie, zouden we meer samen kunnen doen?

Luikje van linksonder

“o ja wilde ik je nog vertellen, gisteren
zocht ik weer je luikje op, je luikje van linksonder. ‘t
stond open. ja open. nee gewoon open! dat zal wel ja. moet
je ‘t maar niet openlaten als je slaapt. het
bereik is hier trouwens weer klote. wat zeg je,
nee, ik heb alles zo gelaten. alles ligt nog zoals ik het vond.”

het zo fijn vond
fijn bij daar
hem zijn luikje van linksonder
heb ik heb
ik heb ik heb
ik heb ik durf het niet te zeggen
ik heb
ik heb
ik heb
ik heb
ik heb
ik heb
ik heb de pinnen uit de scharnieren van zijn luikje van linksonder
ze eruit getikt een hamertje zijn luikje van linksonder
nu kan het niet meer dicht, zijn open luikje van linksonder

ik vertelde iedereen ik heb gezegd aan iedereen hoe fijn het is, linksonder hem bezoeken en hoe makkelijk.
zonder luikje
voel me zo
voel me zo
voel me zo
voel me
zo veel zin om te bezoeken
weer bezoeken

Notitie vanaf Amed, ook Bali

Selang, Amed.
Ook hier is het warm; ik mediteer mezelf in slaap. Ik grijp in in de stroom van mijn gedachten en zet de voortdurende informatie die mijn lijf mij geeft ‘hetiswarm-hetiswarm-watishetwarm-maagwarm-hoofdwarm-benenwarm-rugwarm’ UIT. Preciezer gezegd niet UIT, maar ik verlaag er de prioriteit van. En dan slaap ik in, want die lichtkrant van impulsen over hoe godskolere warm het is, is eigenlijk het enige dat me van slaap weerhoudt.

ALs hier geen toerisme was geweeest, was er niets dan de zee geweest en het wachten op regen. NU er wel toeristen zijn, kunnen wij er ook komen, en we wachten hier samen met de locals op regen.
Als hier geen toerisme was geweest, was er niets dan fruit en vis. En kippen. En takken en stro om huizen van te bouwen. En eigenlijk daar kun je prima van en mee leven, als mens-dier. Je wordt geboren, er is niets dan fruit en vis, je maakt kinderen met een lief meisje uit het dorp, je sterft. Je verzint goden voor de zaken die je niet snapt. Je ontwerpt met z’n allen ceremonies om de tijd te doden, rituele hanengevechten om te voorkomen dat je elkaar de kop in slaat. De van bamboe gevlochten kooien, elk met een rustige, statig staande en af en toe dominant kraaiende haan vinden we langs de weg. Het was een ontnuchttering om te lezen dat ze voor hanengevechten worden gebruikt – vaak tot de dood.

Nu er toerisme is, zien de locals met stekende scherpte hoe gourmet en gulzig er te leven valt. To show them the way: hen wier mond het eindpunt is van ettelijke honderden internationale vrachtverkeersroutes. Wij. In Ubud was de kloof tussen toerist en Balinese local al gapend aanwezig, maar hier is het contrast nog sterker. Vanaf de zee het land op wandelend betreedt de huiswaarts kerende snorkelaar allervooreerst het terrein van zjn resort-achtige hotel – deze delen het strand dan nu nog met de vissers, maar hoe lang dat duurt is niet gezegd. Daarachter, waar de locals wonen is de grond droog en de berghelling steil. Er is de zee, een smalle strook gulzig toerisme en dan de berghelling, bruin en wachtend op regen.

We zijn verbrand, Jx en ik. We hebben gisteren overdag gesnorkeld als naieve vierjarigen en onze bleekbleke huid is rood en gloeit. Een vrouw komt ons een massage aanbieden terwijl we samen staan te praten. Jx vertelt me later dat deze vrouw een schurftige huid had, en dat haar onderlip trilt (frustratie, armlastigheid, wanhoop) terwil ze, in massageverkoop verkapt, om geld bedelt. Als er geen toerisme was, was ze geen masseuse geweest. Had ze nog niets gehad. Had ze dan honger geleden? Lijdt ze nu honger? We vragen het niet.

bali en smali en tien pond fali

Het is hier: waaaaaaaaaaaaaaaaarm. Op dit moment althans. Jannex is zich aan het laten verwennen door beauty-types, nagels verven en massage-iets, ik doe internet en verder even helemaal niets want had ik al gezegd dat het waaarm is. Dat duurt tot drie uur, daarna wordt het weer doenlijk.

De aanvankelijke jetlag ligt bijna achter ons. Tot vannacht: opblijven op de verandah van een koloniaal aandoende junglebungalow, luisterend naar de kreeksels en de kiksels. Krie-krie-kwor-kwor-krie-krie-kwor-kwor. Kom kies mij, kom kies mij, kom kies mij.

We rijden sinds gisteren rond op 1 scooter. Janneke stuurt, ik zet op slot. De omgeving ZO GROEN. Steek een stok in de grond en het is palmboom, pies naast de pot en je schept een struik naast-de-pot-pies-petunia’s. overigens is de stoelgang een avontuur op zich, ook zonder dit ge-overdrijf. Gekko’s staren je aan, met flitsende tong hun eigen ogen likkend, terwijl je.

We zwemmen veel. Janneke doet yoga en ik heb sceptisch commentaar op de commerciële achtergrond van al die yoga-zooi, en janneke doet toch yoga. We lezen als het heet is. Er zijn veel nederlanders, veelal met een boeiend of in elk geval vermakelijk verhaal. vluchtige vrienden. Ik neem foto’s van kleine dieren.

Die meer of minder commerciële yoga-zooi heeft hier op een min of meer aangename manier diep huis gehouden, wat erin uitmondt dat alles alles alles gericht is op de welgestelde dertiger-vrouw met existentiële vragen, een eclectische smaak en een ex die vaak pas net exit is gegaan. Er zitten onverbloemder gezegd in Ubud nogal wat vrouwen op zoek naar zichzelf en een banaan-geelwortel-cacao-aloeevera-smoothie. Voor ons betekent het dat het hier eigenlijk gewoon extreem goed toeven is, en dat we vaak achteraf ergens om moeten glimlachen. ‘s Nachts roepen de kikkers en de krekels, overdag de vrouwen.

Verder heb ik bezoek gekregen van een oude bekende. hij klopte op mijn longen nog vóór ik in het vliegtuig stapte, dus hij is hier ook een vreemde, maar laat ongegeneerd met gierende uithalen van zich horen: bronchitis! Joh, jij hier. Ik kreeg de bevestiging vanochtend van de Balinese dokter, en meteen een stapel antibiotica. Geen koorts, wel aanhoudend hoesten. Vermoeiend. Voel me verder prima. T zou binnen een week moeten overgaan.

Tot zover deze notitie. Nu voort lezen in Salman Rushdie, Midnights Children. Volgende reis naar India, please. Voor nu: morgen rijden we waarschijnlijk naar de kust. Snorkelen en betere lucht voor de bronchiën.

Eerste schets van een nieuwe sheut

Waar is mama?

-Dag zoon.
-Goeiemorgen pa.
-Zeg… over gisteravond. Ik hoop dat je je daar niet te veel van aantrekt. Ik had ook wat veel gedronken, en dan word ik… wat roekeloos, denk ik.
-Wat radicaal?
-Wat radicaal, ja. En depressief, ook.
-Hm. Depressief, en geagiteerd ook, was je.
-Ja, teveel gedronken. Dan krijg je dat.
-Hoeveel wijn ging erdoorheen?
-Ik denk één, anderhalve fles de man.
-Pff… pittig. Waar is mam?
-Die hangt boven de plee.

 

Ik ben gek op m’n pa. Hier is

 
van een nieuw idee voor een liedje.